Vlaamse regering herwerkt wapenhandeldecreet: de eerste stap is gezet!
05-12-2016 -

Actie werkt. Begin dit jaar voerden vredesactivisten nog actie op het dak van wapenproducent Advionics voor een wapenembargo op Saoedi-Arabië. De Vlaamse regering stelt nu een decreetwijziging voor dat een Vlaams wapenembargo wettelijk mogelijk maakt.

Actie werkt. Begin dit jaar voerden vredesactivisten nog actie op het dak van wapenproducent Advionics voor een wapenembargo op Saoedi-Arabië. De Vlaamse regering stelt nu een decreetwijziging voor dat een Vlaams wapenembargo wettelijk mogelijk maakt. Dat is goed nieuws. Vlaanderen kan nu zelf stappen nemen om landen onder embargo te plaatsen, ook als de politieke wil op Europees of internationaal niveau daarvoor ontbreekt. Toch blijft verdere druk nodig. De Vlaamse exportwetgeving vertoont nog steeds ernstige gebreken.

De beslissing van de regering Bourgeois om Vlaamse embargo’s op te nemen in de wapenwetgeving, komt er na een herzieningstraject van een jaar. De oorlog in Jemen maakte duidelijk dat het Vlaamse wapenhandeldecreet niet voldeed. De Saoedi-Arabische gevechtsvliegtuigen bijvoorbeeld, die al meer dan een jaar in Jemen bombarderen, bevatten Vlaamse componenten. Enkele maanden geleden voerden we met ikstopwapenhandel.eu nog actie op het dak van het bedrijf dat deze onderdelen maakt om de Vlaamse betrokkenheid in het conflict in Jemen aan te kaarten. In de daaropvolgende weken stuurden meer dan zeshonderd mensen e-mails naar de Vlaamse parlementsleden met de vraag dringend de gaten in de Vlaamse wapenwetgeving te dichten.

Vredesactie ging praten met de verschillende politieke partijen in het Vlaams parlement. Ook daar waren steeds meer kritische geluiden te horen over het Vlaamse wapenhandelbeleid. Toen zowel oppositiepartijen als meerderheidspartijen zich uitspraken voor een Vlaams wapenembargo op Saoedi-Arabië, zei Minister-president Bourgeois niet over de wettelijke middelen te beschikken om Saoedi-Arabië onder embargo te zetten.

Onder druk van de vredesbeweging en het parlement, gaat de Vlaamse regering nu overstag. Een Vlaams wapenembargo komt er. Van zodra de herziening van het wapenhandeldecreet wordt goedgekeurd door het parlement, kan de wapenexport naar Saoedi-Arabië definitief worden stopgezet.

Wat nog?

Naast de wettelijke verankering van de embargomaatregel, zet de regering nog een aantal stappen naar een strengere regelgeving. Zo maakt de regering werk van de controle op doorvoer en ook van een transparanter beleid.

Vooral de controle op doorvoer was een ernstige lacune in de Vlaamse wetgeving. Wapens die over Vlaams grondgebied vervoerd werden, konden niet gecontroleerd worden. Ook niet als de regering dat zou willen. Stel je voor: indien een vliegtuig, volgeladen met wapens en op weg naar een land in conflict, een tussenstop zou maken op de luchthaven van Oostende, dan was het voor de Vlaamse overheid niet mogelijk om deze trafiek te stoppen. Deze absurditeit wordt nu eindelijk rechtgezet.

Meer dan een doekje voor het bloeden?

De Vlaamse regering boekt dus vooruitgang. Toch blijven fundamentele aspecten buiten schot. De controle op het eindgebruik blijft de achillespees van het Vlaams wapenexportbeleid. Zonder kennis van waar de Vlaamse wapens terecht komen, kan er bezwaarlijk een exportbeleid worden gevoerd. Zo is volgens onderzoek van het Vlaams Vredesinstituut zeventig procent van de uiteindelijke bestemming van de intra-Europese wapenexport ongekend. Vlaamse componenten worden uitgevoerd naar andere EU landen zoals Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk, zonder dat we weten waar deze wapens in een later stadium belanden. Nochtans zijn deze Europese landen grote exporteurs naar het Saoedi-Arabische regime. De export naar Saoedi-Arabië blijft via een ommetje dus een realiteit, ook onder een herwerkt decreet.

Een eerste stap is gezet. De Vlaamse regering kan binnenkort landen onder embargo zetten. Nu komt het eropaan er ook voor te zorgen dat we weten waar de Vlaamse wapens terecht komen. Anders zijn de toekomstige Vlaamse embargo’s niet meer dan een doekje voor het bloeden.

Andrew Feinstein “Om de wapenhandel te stoppen, moeten we ons politiek systeem veranderen”
05-12-2016 -

Andrew Feinstein is hij onderzoeker, schrijver en activist tegen wapenhandel. Zijn boek 'The shadow world: inside the global arms trade' in het Nederlands vertaald met de titel 'Handelaren des Doods', schetst een onthutsend beeld van de wereldwijde wapenhandel.

Andrew Feinstein was tot 2001 parlementslid bij het Zuid-Afrikaanse ANC. Daar schopte hij tegen de schenen van de partij met zijn onderzoek naar een corrupte aankoop van gevechtsvliegtuigen. Dit betekende het einde van zijn politieke carrière. Sindsdien is hij onderzoeker, schrijver en activist tegen wapenhandel. Zijn boek 'The shadow world: inside the global arms trade' in het Nederlands vertaald met de titel 'Handelaren des Doods', schetst een onthutsend beeld van de wereldwijde wapenhandel. De Belgische documentairemaker Johan Grimonprez maakte er een verfilming van die sinds november wordt vertoond in de zalen. Vredesactie sprak met Andrew Feinstein tijdens de vertoning van de film op het Film Fest van Gent.

Andrew, tot 2001 was je een Zuid-Afrikaans parlementslid, waarna je een activist tegen de wapenhandel werd. Hoe kwam je tot deze beslissing?

Dit was eigenlijk mijn terugkeer tot het activisme. Al vanaf jonge leeftijd was ik actief in de sloppenwijken van Kaapstad, waar ik me aansloot bij het ANC. Dat was in die tijd nog een verboden organisatie. Niemand verwachtte dat Zuid Afrika ooit een democratie zou worden. En al helemaal niet dat het ANC ooit de regeringspartij zou zijn. Niemand van ons dacht ooit een parlementslid te worden.

In 2001 werd ik uit de partij gegooid omdat ik onderzoek deed naar een ontzettend corrupte wapendeal. Mijn introductie tot activisme tegen wapenhandel gebeurde dus min of meer toevallig.

Hoe hebt u uw vertrek uit de politiek ervaren?

Het voornaamste verschil is dat je als activist kan zeggen wat je wilt. Terwijl je als politicus altijd beperkt bent door je partij en de regels waarin je opereert. Het is enorm verfrissend om de partijlijn niet meer te moeten volgen. Soms vragen mensen me: “maar mis je de politiek dan niet?” “Ik voel me nu veel meer politiek geëngageerd dan ik me ooit als parlementslid heb gevoeld.”

Dit deed me ook realiseren dat overheden en parlementen de status quo bevestigen en reproduceren. Het is veel effectiever om als activist de status quo in vraag te stellen. Zeker als het gaat over wapenhandel. Er is een enorme verstrengeling tussen de wapenindustrie, overheden, politici, het leger, en allerlei overheidsdepartementen. En geen enkele politieke wil om de wapenhandel in vraag te stellen.

In uw boek beschrijft u de verregaande verstrengeling tussen wapenbedrijven en politici. Waarom denkt u dat de invloed van de wapenindustrie zo ver gaat?

De wapenhandel is uniek, precies vanwege de enorme verstrengeling van belangen. Hiervoor zijn verschillende redenen. Een eerste reden is dat wapenbedrijven door hun overheden dikwijls worden beschouwd als een bevoorrechte partner, omdat ze zogezegd belangrijk zijn voor onze defensie en nationale veiligheid. Grote wapenbedrijven zoals BAE Systems hebben dezelfde toegang tot gevoelige informatie en tot militaire basissen als de minister van defensie.

Nog belangrijker echter zijn de informele relaties die bestaan tussen hooggeplaatste personen van de wapenindustrie en overheden. Deze mensen begeven zich in dezelfde sociale kringen en in dezelfde politieke kringen. Bovendien geven wapenbedrijven zeer vaak geld aan politieke partijen. Helmut Kohl, die 17 jaar aan het hoofd stond van de CDU in Duitsland, ontving jarenlang geld van zowel legale als illegale wapenhandel.

Om de wapenhandel aan te klagen, moeten we ons politiek systeem veranderen. Hiervoor is een onafhankelijke stem nodig én een stem die durft ingaan tegen de huidige status quo.

Corruptie is een wederkerend thema in je boek. Zo citeer je het cijfer van de ngo Transparency International dat 40 procent van alle corruptie in de wereld betrekking heeft op de wapenhandel. Hoe komt het dat de wapenhandel zo corrupt is?

De wapenhandel is zo corrupt net vanwege de dichte relaties die bestaan tussen de wapenindustrie en de politiek. De wapenhandel overleeft van een tiental miljardendeals per jaar. Er staat dus elke keer een enorme hoeveelheid geld op het spel. Bovendien zijn er maar enkele beleidsmakers die de uiteindelijke beslissing over een wapenaankoop doen. In de wapendeal die ik onderzocht in Zuid-Afrika, waren er maar zes mensen die beslisten over welke wapens aangekocht werden en van wie. De onderhandelingen vinden ook dikwijls plaats achter gesloten deuren. Dat is enorm vruchtbare grond voor corruptie.

Als een aanklager al moedig genoeg is om deze corruptie juridisch te vervolgen, dan grijpt de overheid bijna altijd in om de betrokken wapenbedrijven te beschermen. Er is totale straffeloosheid. Enkele jaren geleden hebben we berekend dat er sinds de introductie van VN wapenembargo’s 502 schendingen van deze embargo’s hebben plaatsgevonden. In amper twee gevallen hebben deze schendingen ook geleid tot enige vorm van juridische actie.

De Europese Unie is in snel tempo aan het militariseren. Er is nu zelfs sprake van een subsidieprogramma van 3,5 miljard euro voor militaire technologie. Hoe verklaart u deze trend?

In mijn ervaring heeft de EU de wapenhandel steeds in stand gehouden. De Europese Unie heeft een gemeenschappelijke positie over wapenhandel. Die wordt genegeerd door elke Europese lidstaat. Elke wapendeal van de afgelopen jaren schendt wel één of meerdere artikels van de gemeenschappelijke positie.

Een aantal hooggeplaatste politici, zowel in de Commissie als in het Europees Parlement, hebben tijdens hun carrière steun gekregen van de wapenindustrie. De Europese subsidiëring van de industrie is hun quid pro quo. Dit is wat deze politici teruggeven aan de industrie.

Volgens de Europese Commissie zal dit militair onderzoeksprogramma leiden tot meer jobs en economische groei.

Als economische strategie is dit een absolute ramp. Voor elke job die wordt gecreëerd in de wapenindustrie kunnen er volgens Amerikaans onderzoek tussen de drie en zeven jobs gecreëerd worden in veel productievere sectoren. Zelden vermelden onze politici dat deze subsidies een enorme kost betekenen voor de belastingbetaler. Hier nog eens Europees geld aan toevoegen is economische onzin. Zeker op een moment dat vele landen in Europa financiële problemen hebben.

Een argument dat steeds terugkomt is dat we een wapenindustrie nodig hebben om onszelf te beschermen. Wat is jouw antwoord hierop?

Overheden kiezen bijna altijd voor oorlog boven diplomatie. De Verenigde Staten stellen bijvoorbeeld meer mensen tewerk op één vliegdekschip, dan het hele diplomatische corps van de VS bijeen. De Amerikaanse overheid heeft in totaal tien vliegdekschepen en heeft zonet haar elfde besteld.

Zelfs als je een zeer enge visie hebt op wat veiligheid en defensie is, worden er dikwijls wapens gekocht die we absoluut niet nodig hebben. Neem bijvoorbeeld de F35. Deze is door Pierre Sprey, de ontwikkelaar van de F16, the biggest piece of crap made by a company which specializes in crap genoemd. Dit is een vliegtuig dat miljarden heeft gekost aan de Amerikaanse belastingbetaler en dat geen enkele relevantie heeft in de conflicten waarin de Verenigde Staten momenteel betrokken zijn of betrokken zullen zijn in de komende generaties. Er zijn hier enorme opportuniteitskosten mee gemoeid. Dit geld gaat niet naar andere sectoren van de economie die veel productiever zijn.

Net hetzelfde is gebeurd in Zuid Afrika. Sinds 1994 heeft Zuid-Afrika geen externe, noch interne vijanden maar heeft de overheid wel 10 miljard gespendeerd aan gevechtsvliegtuigen. Deze vliegtuigen worden volgens het hoofd van de luchtmacht niet gebruikt omdat Zuid-Afrika niet eens het geld heeft om de piloten te trainen. Tegelijkertijd zegt de overheid geen geld te hebben voor antivirale medicijnen voor mensen met HIV of aids. Evenmin kan Zuid-Afrika twee miljoen huizen bouwen die dringend nodig zijn, is dertig procent van de bevolking uitgesloten van de formele economie en is er een gebrek aan onderwijs. Dit ondermijnt de duurzame ontwikkeling én veiligheid van Zuid Afrika.

Daar komt nog eens bovenop dat de wapens die wij verkopen onze eigen veiligheid ondermijnen. Saoedi-Arabië is daarvan het meest voor de hand liggende voorbeeld. Saoedi-Arabië, en daar bestaat zeer veel bewijs van, financiert en bewapent tal van groepen die door de EU en door de Verenigde Staten bestempeld worden als terroristische organisaties. Zo bestaat de absurde situatie waarbij de VS in het ene conflict wapens leveren aan groepen waartegen ze op andere plaatsen oorlog voeren. Dat is complete waanzin.

Wat met het argument dat als wij niet exporteren, iemand anders het wel zal doen?

Je zou dit evengoed over hard drugs kunnen zeggen. Waarom handelt Barack Obama niet in hard drugs? Omdat er een wet is die zegt dat hij dat niet kan doen. Waar het uiteindelijk op neerkomt, is politieke wil. Als overheden werkelijk iets zouden willen veranderen dan zouden er geen corrupte deals plaatsvinden en zou er niet geëxporteerd worden naar conflictgebieden.

Wat zie jij als successen van activisme tegen wapenhandel van de afgelopen jaren?

Er wordt nu veel meer geschreven over wapenhandel in veel meer landen dan in de voorgaande zestien jaar dat ik actief ben. Vooral in Europa is er meer protest en zijn er meer directe acties. Dit is enorm belangrijk in het bewust maken van mensen. Er zijn ook juridische overwinningen. De DSEI rechtzaak bijvoorbeeld (nvdr: ook mensen van onze campagne ikstopwapenhandel zijn hierbij gedaagd.), waarbij een rechter oordeelde dat activisten inderdaad een misdrijf hadden gepleegd [de activisten blokkeerden de weg naar een wapenbeurs], maar dat dit misdrijf veel minder ernstig was dan de misdaden die gepleegd werden op de DSEI wapenbeurs. Deze uitspraak is van enorm belang voor activisme tegen wapenhandel. Ik denk dat de Britse overheid dat ook beseft en dat de overheid daarom in beroep is gegaan.

Deze overwinningen zijn klein, maar al deze kleine stappen leiden tot grotere overwinningen. Steeds meer mensen zijn zich bewust van het probleem. Steeds meer mensen schieten ook in actie. Ik denk dat dat een enorme overwinning is.

---
De film Shadow World die gebaseerd is op het boek van Andrew Feinstein speelt nu in de zalen. Hier vind je een kalender met alle geplande vertoningen.

Kom naar de MO*lezing over wapenhandel met Andrew Feinstein. Afspraak op woensdag 22 februari om 19u30 in Brussel. Meer info binnenkort op www.mo.be of www.vredesactie.be

Europa op de knieën voor de wapenindustrie
05-12-2016 -

De Europese Commissie maakte eind november haar plannen bekend voor de uitbouw van een Europese defensie. Een voorstel dat leest als een horrorboek. De Commissie wil miljardeninvesteringen in de wapenindustrie en de eerste stappen daartoe zijn al gezet. Het Europees Parlement keurde de eerste schijf voor de subsidiëring van een militair onderzoeksprogramma goed.

De Europese Commissie maakte eind november haar plannen bekend voor de uitbouw van een Europese defensie. Een voorstel dat leest als een horrorboek. De Commissie wil miljardeninvesteringen in de wapenindustrie en de eerste stappen daartoe zijn al gezet. Het Europees Parlement keurde de eerste schijf voor de subsidiëring van een militair onderzoeksprogramma goed. Dit is een primeur. De subsidiëring van wapenonderzoek was tot nu toe altijd expliciet uitgesloten van het Europese budget. De vraag of een sterke wapenindustrie de veiligheid van de Europese burger wel een stap dichterbij brengt, wordt niet gesteld. Ooit kreeg de EU de Nobelprijs voor de vrede. Vandaag lijkt dat beeld verder weg dan ooit.

Het 'Defensie actieplan' focust, dixit de Commissie, op "onze wapennoden en het ondersteunen van de Europese wapenindustrie”. Hoewel de Europese lidstaten jaarlijks 200 miljard uitgeven aan defensie, is dat niet genoeg om de Europese wapenindustrie draaiende te houden. Meer investeringen zijn dus dringend nodig, zegt de Commissie.

Het Europees Defensie Fonds

Daarvoor lanceert de Commissie onder andere een Europees Defensie Fonds. “Het Europese Defensie Fonds is een cruciale stap in het verbeteren van de competitiviteit van de Europese wapenindustrie”, zo staat te lezen. Het moet een investeringsfonds voor militaire aankopen worden met een jaarlijks budget van vijf miljard euro. Het geld zou zowel van de lidstaten als van het Europese budget komen. Opmerkelijk: het geld dat door de lidstaten in deze pot wordt gestopt, wordt niet meegewogen bij het vaststellen van een begrotingstekort. Landen moeten de broeksriem aanspannen en snijden in hun sociale voorzieningen, in onderwijs, in justitie, in gezondheidszorg om de EU-begrotingsnormen te halen. Maar miljarden uitgeven aan nieuwe wapensystemen zou wel kunnen. Dat wil de Europese commissie niet enkel door de vingers zien, integendeel: zelfs aanmoedigen. Waanzin.

Subsidies voor militair onderzoek

Om de concurrentiepositie van de Europese wapenindustrie te verbeteren, plant de Commissie voor de periode 2021 – 2027 een subsidieprogramma voor militair onderzoek dat 3,5 miljard euro naar de wapenindustrie moet doen vloeien. Een voorbereidend militair onderzoeksprogramma ter waarde van 25 miljoen euro werd eind november reeds door het Europees Parlement goedgekeurd.

Dit is een primeur. De subsidiëring van wapenonderzoek was tot nu toe altijd expliciet uitgesloten van het Europese budget. De koerswijziging is niet verwonderlijk. De expertengroep die op vraag van de Europese Commissie ‘advies’ leverde over het militaire onderzoeksprogramma bestond voor meer dan de helft uit vertegenwoordigers van de wapenindustrie. Kritische stemmen uit het maatschappelijke middenveld of onafhankelijke experten werden niet gehoord. De resultaten liegen er niet om. De modaliteiten die aangeraden worden door deze expertengroep zijn de meest gunstige ooit binnen het Europese budget. Niet alleen zouden de onderzoekskosten voor honderd procent gesubsidieerd worden, ook de eigendomsrechten zouden in handen van de industrie terecht komen.
Waar dit geld precies vandaan moet komen, is onduidelijk. Nu al wordt er gesneden in civiele onderzoeksprogramma’s zoals Horizon 2020.

Een Europese drone?

Voor wie die wapens ontwikkeld moeten worden is onduidelijk. Een Europees leger is onbestaande. Van een gemeenschappelijk Europees buitenlands beleid is er amper sprake. Toch wil de EU kost wat kost geld geven aan nieuwe wapentechnologie, zonder idee wat dan precies met die wapens te doen.

Dé Europese wensdroom is de gewapende drone. De Verenigde Staten hebben gewapende drones, Israël heeft ze, de Europese industrie niet, die blijft achter. Europese subsidies voor militaire technologie moeten de Europese bedrijven nu een duwtje in de rug geven.

Waar die drone dan wel voor gaat dienen is onduidelijk. Gaat Europa zoals de Verenigde Staten, met een kill-list in de hand, vermeende terroristen bombarderen in landen zoals Jemen of Pakistan? Een praktijk die door de Verenigde Naties als illegaal wordt bestempeld en tal van burgerslachtoffers maakt.

Ideologische blindheid

Het Europees Defensie Fonds komt er niet voor onze veiligheid, het is een ondersteuningsprogramma voor de wapenindustrie. “De Europese Unie heeft een sterke en competitieve wapenindustrie nodig”, zo luidt het credo dat bij de Commissie tot in den treure weerklinkt. En daar wil ze graag enkele miljarden tegenaan gooien.

De Europese Commissie grossiert in ideologische blindheid. Nog nooit werd de legitimiteit van het Europese project op zo'n schaal in vraag gesteld als tijdens de afgelopen maanden. Toch is een stimuleringsbeleid op maat van de wapenindustrie het enige antwoord dat de Europese Commissie te bieden heeft.

De Europese Unie was nochtans een vredesproject. Een soft power, die interne, maar ook internationale conflicten geweldloos tracht op te lossen. De militarisering van het Europese budget dreigt hier verandering in te brengen en zet het Europese vredesproject op de helling.

Opinie: Op de knieën voor de Europese drone. Nooit gaf de EU zo vlot subsidies als nu aan de wapenlobby
01-12-2016 -

De Commissie maakte gisteren bekend miljardeninvesteringen te willen in defensie. De eerste stappen zijn al genomen. Het Europees Parlement keurde vandaag de subsidiëring van een militair onderzoeksprogramma. Hiermee wil de Europese Unie de concurrentiepositie van de wapenindustrie verbeteren. De vraag of een sterke wapenindustrie de veiligheid van de Europese burger wel een stap dichterbij brengt, wordt niet gesteld.

Dit artikel verscheen als opinie op mo.be

De Commissie maakte gisteren bekend miljardeninvesteringen te willen in defensie. De eerste stappen zijn al genomen. Het Europees Parlement keurde vandaag de subsidiëring van een militair onderzoeksprogramma. Hiermee wil de Europese Unie de concurrentiepositie van de wapenindustrie verbeteren. De vraag of een sterke wapenindustrie de veiligheid van de Europese burger wel een stap dichterbij brengt, wordt niet gesteld. 

Het militair onderzoeksprogramma ter waarde van 25 miljoen euro waar het Europees Parlement vandaag over stemt, is slechts een voorbereidend programma. De Europese Commissie stelt nu al voor om een grootschalig programma voor militaire technologie op te starten ter waarde van 3,5 miljard euro voor de periode 2021-2027. Dat is primeur. De subsidiëring van wapenonderzoek was tot nu toe altijd expliciet uitgesloten van het Europees budget.

Een Europese drone?

Voor wie die wapens ontwikkeld moeten worden is onduidelijk. Een Europees leger is onbestaande. Van een gemeenschappelijk Europees buitenlands beleid is er amper sprake. Toch wil de EU kost wat kost geld geven aan nieuwe wapentechnologie, zonder idee wat daar dan mee te doen. 

Dé Europese wensdroom is de gewapende drone. De Verenigde Staten hebben gewapende drones, Israël heeft ze. De Europese industrie niet, die blijft achter. Europese subsidies voor militaire technologie moet de Europese bedrijven nu een duwtje in de rug geven.

Waar die drone dan wel voor gaat dienen is onduidelijk. Gaat Europa dan zoals de Verenigde Staten, met een kill-list in de hand, vermeende terroristen bombarderen in landen zoals Jemen of Pakistan? Een praktijk die door de Verenigde Naties als illegaal wordt bestempeld en tal van burgerslachtoffers maakt.

Het Europees militair onderzoeksprogramma komt er niet voor onze veiligheid, het is een  ondersteuningsprogramma voor de wapenindustrie. ‘De Europese Unie heeft een sterke en competitieve wapenindustrie nodig’, zo luidt het credo dat bij de Commissie tot treurens toe weerklinkt. En daar wil ze graag enkele miljarden tegenaan gooien.

Ideologische blindheid

De wapenindustrie heeft een bevoorrechte positie in de Europese besluitvorming. De expertengroep die op vraag van de Europese Commissie ‘advies’ leverde over het onderzoeksprogramma bestond voor meer dan de helft uit vertegenwoordigers van de wapenindustrie. Kritische stemmen uit het maatschappelijk middenveld of onafhankelijke experten werden niet gehoord.

De resultaten liegen er niet om. De modaliteiten die aangeraden worden door deze expertengroep zijn de meest gunstige ooit onder het Europees budget. Niet alleen zouden de onderzoekskosten voor 100 procent gesubsidieerd worden, ook de eigendomsrechten zouden in handen van de industrie terecht komen. 

Waar dit geld precies vandaan moet komen is onduidelijk. Nu al wordt er gesneden in civiele onderzoeksprogramma’s zoals Horizon 2020.

De Europese Commissie grossiert in ideologische blindheid. Nog nooit werd de legitimiteit  van het Europees project op deze schaal in vraag gesteld als tijdens de afgelopen maanden. Toch is een stimuleringsbeleid op maat van de wapenindustrie het enige antwoord dat de Europese Commissie te bieden heeft.

De Europese Unie was nochtans een vredesproject. Een soft power, die interne, maar ook internationale conflicten geweldloos tracht op te lossen. De militarisering van het Europees budget dreigt hier verandering in te brengen en zet het Europees vredesproject op de helling.

Het is echter nog niet te laat. Volgend jaar starten de onderhandelingen over een grootschalig militair onderzoeksprogramma. Dat is de uitgelezen kans voor het Europees parlement om neen te zeggen tegen een beleid op maat van de wapenindustrie.

Europese subsidies voor de wapenindustrie
01-12-2016 -

Vandaag keurde het Europees Parlement de begroting voor 2017 goed. Daarbij stemde de meerderheid van de parlementsleden vóór het voorbereidend programma voor militair onderzoek. Met dit onderzoeksprogramma verandert via een achterdeur het Europese vredesproject in een militair project.

Vandaag keurde het Europees Parlement de begroting voor 2017 goed. Daarbij stemde de meerderheid van de parlementsleden vóór het voorbereidend programma voor militair onderzoek. Een primeur. De subsidiëring van wapenonderzoek was tot nu toe altijd expliciet uitgesloten van het Europees budget. “Terecht,” volgens Bram Vranken van Vredesactie, “De Europese Unie presenteert zichzelf als een vredesproject, daar kreeg ze enkele jaren geleden zelfs de Nobelprijs voor. Met dit onderzoeksprogramma verandert via een achterdeur het Europese vredesproject in een militair project.

Het Europees parlement bestemde vandaag een eerste schijf van 25 miljoen euro voor onderzoek naar 'innovatieve defensie technologie'. Dit is nog maar een voorbereidend programma. Vanaf 2021 plant de Europese Commissie een onderzoeksprogramma van 3,5 miljard euro. Welke projecten gesubsidieerd zullen worden of wie de eigendomsrechten van de onderzoeksresultaten zal krijgen is nog onbekend.

De druk van een machtige lobby

Het militair onderzoeksprogramma is tot stand gekomen na fors gelobby door de wapenindustrie. De expertengroep die op vraag van de Europese Commissie advies leverde over het onderzoeksprogramma bestond voor meer dan de helft uit vertegenwoordigers van de wapenindustrie. Negen van de zestien leden van de expertgroep zijn vertegenwoordigers van de wapenindustrie. De overige leden vertegenwoordigen Europese lidstaten en EU instellingen. Kritische stemmen uit het maatschappelijk middenveld of onafhankelijke experten vonden amper gehoor.

Het is beschamend dat een industrie die aanzienlijke winsten boekt met het verkopen van dodelijk wapentuig, voor subsidies aanklopt bij de EU. Een industrie met 100 miljard euro omzet per jaar kan haar eigen Research & Development betalen.” zegt Bram Vranken van Vredesactie.

Europees Defensie Fonds

Het militair onderzoeksprogramma maakt deel uit van het Actieplan voor Europese Defensie dat de Europese Commissie gisteren voorstelde. Een plan dat dixit de Commissie "focust op onze wapennoden en het ondersteunen van de Europese wapenindustrie”. Die ondersteuning komt er niet enkel in de vorm van onderzoekssubsidies.

De Commissie lanceert ook een Europees Defensie Fonds: een investeringfonds voor militaire aankopen met een jaarlijks budget van vijf miljard euro. Het geld daarvoor zou zowel van de lidstaten komen als van het Europees budget. Opmerkelijk: het geld dat door de lidstaten in deze pot wordt gestopt, wordt niet meegewogen bij het vaststellen van een begrotingstekort. "Economische waanzin, "zegt Laëtitia Sedou van het Europees Netwerk tegen Wapenhandel (ENAAT). "De Commissie tovert zo miljarden tevoorschijn, geld dat er niet is. De vraag of dat stimuleringsbeleid voor de wapenindustrie ook zal leiden tot een veiliger Europa wordt niet gesteld."

Ook Bart Staes, Europarlementslid voor de Groenen, heeft er een pak bedenkingen bij. “Het idee om Europees beter samen te werken, expertise te bundelen en te kijken naar wat de noden zijn, is zeker verdedigbaar. Maar de vraag is of we in dit geval niet de agenda volgen van een aantal grote bedrijven uit de wapenindustrie, die minder geïnteresseerd zijn in conflictpreventie en in het vreedzaam oplossen van conflicten.”zegt hij in een interview met Apache.

Er verschenen de laatste weken een heleboel artikels over het militair onderzoeksprogramma in de internationale pers:

Apache: https://www.apache.be/2016/11/10/wapenlobby-wint-europa-start-militair-onderzoeksprogramma/
De Correspondent: https://decorrespondent.nl/5644/trumps-overwinning-voor-de-mannen-van-de-defensie-industrie-een-feestdag/1248870693048-3bd923c9
Knack:
http://www.knack.be/nieuws/belgie/vredesactivisten-geen-europees-geld-voor-militair-onderzoek/article-normal-775125.html
the Guardian, EU member states may have to foot £3.5bn bill for military research
EU observer, MEPs to back multi-million euro military research budget
New Europe: EU citizens could have to pay for military research
Science Business: Science group hits out at EU military research plan
ENAAT Position Paper http://www.enaat.org/news/PPResearch.pdf

 

Vredesactivisten stoppen wapenlobby
10-11-2016 -

Meer dan honderd vredesactivisten blokkeren de toegang tot de jaarlijkse conferentie van het Europees Defensie Agentschap. Op deze conferentie vergaderen CEO’s van de wapenindustrie en politici achter gesloten deuren. De vredesactivisten spannen linten en zitten op de grond om zo de ingang tot de conferentie te versperren. Ze uiten hiermee hun ongenoegen over de subsidies die de Europese Unie aan de wapenindustrie wil geven voor de ontwikkeling van nieuwe wapens.

Meer dan honderd vredesactivisten blokkeren de toegang tot de jaarlijkse conferentie van het Europees Defensie Agentschap. Op deze conferentie vergaderen CEO’s van de wapenindustrie en politici achter gesloten deuren. De vredesactivisten spannen linten en zitten op de grond om zo de ingang tot de conferentie te versperren. Ze uiten hiermee hun ongenoegen over de subsidies die de Europese Unie aan de wapenindustrie wil geven voor de ontwikkeling van nieuwe wapens.

Wij willen niet dat ons belastinggeld naar de wapenindustrie gaat”, aldus één van de actievoerders die vandaag een lobby-evenement van wapenhandelaars en beleidsmakers stoppen. Op de jaarlijkse EDA conferentie verzamelen lobbyisten van de wapenindustrie en politici om te praten over de toekomst van de Europese wapenindustrie.

Het is beschamend dat een industrie die aanzienlijke winsten boekt met het verkopen van dodelijk wapentuig, lobbyt voor subsidies bij de EU. Een industrie met 100 miljard euro omzet per jaar kan haar eigen Research & Development betalen.” zegt Bram Vranken van Vredesactie.

Subsidies voor wapenbedrijven

Eind november stemt het Europees Parlement over het budget van 2017. Op de agenda staat onder andere de subsidiëring van de ontwikkeling van nieuwe wapens.

In eerste instantie gaat het over een budget van 90 miljoen euro. Dat is slechts een voorbereidend programma. De Europese Commissie stelt nu al voor om een grootschalig programma voor militaire technologie op te starten ter waarde van 3,5 miljard euro voor de periode 2021-2027.

Een primeur. De subsidiëring van wapenonderzoek was tot nu toe altijd expliciet uitgesloten van het Europees budget. “Terecht,” zegt Vranken, De Europese Unie presenteert zichzelf als een vredesproject, daar kreeg ze enkele jaren geleden zelfs de Nobelprijs voor. Ook in de toekomst moet de EU een vredesproject blijven.”

De druk van een machtige lobby

De jaarlijkse EDA conferentie toont aan hoe sterk de wapenlobby het Europees beleid beïnvloed. Het evenement biedt volgens de aankondiging, 'een uniek platform voor beleidsmakers om er zich van te verzekeren dat de wapenindustrie in vorm blijft'. Het EDA is een officieel EU agentschap met de expliciete opdracht om de Europese wapenindustrie te ondersteunen.

Dat is niet zonder gevolgen. Volgens cijfers van het onderzoeksinstituut SIPRI staan de Europese lidstaten in voor 28,4 procent van de wereldwijde wapenexport. Ook landen die betrokken zijn in gewelddadige conflicten worden bevoorraad met Europese wapens. Zo ontvangt Saoedi-Arabië bijna de helft van haar wapens vanuit Europa.

Ik heb vandaag een dag verlof genomen om hier actie te komen voeren.”, zegt één van de activisten. “Ik wil niet dat onze veiligheid in de handen van de wapenindustrie komt te liggen. Dat leidt enkel tot meer wapenexport, meer geweld, meer oorlog.

Onze Europese politici hebben er voortdurend de mond van vol de grondoorzaken van conflict te willen aanpakken. Eind november hebben ze de kans om hun prioriteiten duidelijk te maken: kiezen ze voor een Europa dat de wapenindustrie subsidieert of wordt er eindelijk werk gemaakt van conflictoplossing en preventie?”, besluit Vranken van Vredesactie.

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

We publiceren regelmatig updates over het verloop van de actie op onze facebookpagina.

Je vindt foto's van de actie in hoge resolutie op flickr.

 

 

 

 

De Europese Schaduw Wereld en wat je er tegen kan doen
06-10-2016 -

Shadow World, de nieuwe film van Johan Grimonprez en Andrew Feinstein, schetst een onthutsend beeld van de internationale wapenhandel. Een handel die gepaard gaat met corruptie, oorlog en de ondermijning van de democratie. Niet alleen in de Verenigde Staten laat de wapenlobby van zich horen. Ook in Europa drukt de wapenlobby haar stempel op het beleid.

Shadow World, de nieuwe film van Johan Grimonprez en Andrew Feinstein, schetst een onthutsend beeld van de internationale wapenhandel. Een handel die gepaard gaat met corruptie, oorlog en de ondermijning van de democratie. Niet alleen in de Verenigde Staten laat de wapenlobby van zich horen. Ook in Europa drukt de wapenlobby haar stempel op het beleid. Tijd om deze Schaduw Wereld een halt toe te roepen. Kom op 10 november naar Brussel en verstoor geweldloos de lobbytop van het Europees Defensieagentschap.

Shadow World toont de rampzalige gevolgen van een beleid op maat van de wapenindustrie. Democratische processen worden buiten spel gezet, corruptie tiert welig en de veiligheid van miljoenen burgers wordt op het spel gezet.

Niet alleen in de Verenigde Staten, maar ook in de Europese Unie staat de bedrijfslobby sterk. In het Europees kwartier in Brussel werken zo'n 20.000 tot 30.000 lobbyisten. Quasi alle grote Europese wapenbedrijven hebben een kantoor in de nabijheid van de Europese instellingen. Lobbyisten van de wapenindustrie ontmoeten bijna maandelijks Europese Commissieleden. En dat is nog maar het topje. De Europese transparantie over lobby-activiteiten is namelijk bedroevend laag.

Het Europees Defensieagentschap (EDA) is hier een exemplarisch voorbeeld van. Het officieel EU agentschap werd in 2004 opgericht met als één van haar kerntaken het versterken van de Europese wapenindustrie. Sindsdien heeft het EDA tientallen evenementen opgezet waarbij de industrie samenkwam met Europese beleidsmakers. Dikwijls achter gesloten deuren. Op 10 november vindt de jaarlijkse conferentie van het EDA plaats. De aankondiging belooft alvast “een uniek platform te bieden voor beleidsmakers om er zich van te verzekeren dat de wapenindustrie in vorm blijft”.

Dit is niet zonder gevolgen. Eind dit jaar stemt het Europees Parlement over het subsidiëren van de wapentechnologie. Welke wapentechnologie gesubsidieerd zal worden is onbekend. Wie de eigendomsrechten zal opstrijken is evenzeer onduidelijk. Nochtans gaat het over een subsidieprogramma dat op termijn 3,5 miljard euro zou omvatten. Dit zou een primeur zijn. Nooit eerder ging er rechtstreeks Europees belastinggeld naar de wapenindustrie om er onderzoek mee te financieren.

Zoals Vijay Prashad in Shadow World zegt, “Een maatschappij die beslist dat het merendeel van haar budget geïnvesteerd wordt in de wapenindustrie en de uitbreiding van het leger, heeft de morele beslissing genomen dat militarisme belangrijker is dan de creatie van welzijn voor de bevolking.”

Vijay Prashad heeft gelijk. De subsidiëring van de wapenindustrie leidt niet tot een betere wereld, maar enkel tot meer geweld, conflict en corruptie. Zeg mee 'Ik stop wapenhandel': kom op 10 november naar Brussel en verstoor geweldloos de conferentie van het Europees Defensieagentschap.

-----
Bram Vranken van Vredesactie komt deze actiedag en de ikstopwapenhandel.eu campagne toelichten op het symposium dat rond Shadow World wordt georganiseerd op 20/10 tijdens Film Fest Gent: https://www.facebook.com/events/307959539582446/

 

Geen Europese subsidies aan de wapenindustrie
26-09-2016 -

De EU commissievoorzitter Juncker zei vorige week in zijn jaarlijkse ‘State of the Union’ dat het hoog tijd is dat de Europese Unie “wat strijdvaardiger wordt”. Sinds de Brexit circuleren in Parijs en Berlijn grootse plannen voor een Europees leger. In onzekere tijden moet er meer geïnvesteerd worden in defensie en daarvoor is ook een sterke wapenindustrie nodig, zo luidt de redenering. De vraag of een sterke wapenindustrie de veiligheid van burgers wel een stap dichterbij brengt, wordt niet gesteld.

Dit artikel verscheen eerder als opinie in het Belang van Limburg.

Het meest frappante idee is wel de subsidiëring van deze miljardenindustrie. Het Europees Parlement stemt eind deze maand over een onderzoeksprogramma voor de ontwikkeling van nieuwe wapens. Welke wapentechnologie gesubsidieerd zal worden is onbekend. Wie de eigendomsrechten zal opstrijken is evenzeer onduidelijk. Nochtans gaat het over een subsidieprogramma dat op termijn 3,5 miljard euro zou omvatten.

Dit zou een primeur zijn. Nooit eerder ging er Europees belastinggeld rechtstreeks naar de wapenindustrie. Nochtans zit de EU nu al krap bij kas. Civiele onderzoeksprogramma’s worden afgebouwd en de Europese schuldenberg stapelt zich op. Terwijl Europese lidstaten worden verplicht te knippen in hun sociale zekerheid, dreigen miljarden doorgesluisd te worden naar de wapenindustrie.

Democratische controle is zo goed als onbestaande. De meeste beslissingen worden door de Europese Commissie achter gesloten deuren genomen, in samenspraak met de wapenindustrie. Bijna alle grote wapenbedrijven zitten regelmatig samen met de Europese Commissie. Een expertengroep die de Commissie adviseerde over dit militair onderzoeksprogramma bestond voor de helft uit lobbyisten van de wapenindustrie. Kritische stemmen uit het maatschappelijk middenveld of onafhankelijke experten vinden amper gehoor.

Een Europees beleid op maat van de wapenindustrie komt de vrede en veiligheid van Europa allerminst ten goede. De doelstelling van de industrie is om winst te maken. Jaarlijks wordt er voor miljarden aan wapens geëxporteerd naar Saoedi-Arabië en andere golfstaten. Ook IS vecht volgens een rapport van Amnesty International met Europese wapens. Als de EU echt werk wil maken van vrede en veiligheid, dan zou het beter de wapenhandel stoppen.

Wat is er mis met het Europees Defensie Agentschap?
19-09-2016 -

Op 10 november is het opnieuw verzamelen geblazen voor de lobbyisten van de wapenindustrie. De jaarlijkse conferentie van het Europees Defensie Agentschap (EDA) is een lobbyevent dat hoog op de agenda prijkt van zowel Europese politici als de CEO's van de wapenindustrie. Vredesactie mag dan wel niet uitgenodigd zijn, ook wij zullen aanwezig zijn. Onze boodschap is klaar en duidelijk: geen wapendealers in Brussel.

Belastingvermindering voor de aankoop van wapens, subsidies voor wapentechnologie, Europees geld voor ontwikkelingshulp naar legers in het Zuiden, het zijn maar enkele van de voorstellen die de EU het afgelopen jaar lanceerde. Wie denkt actief mee? Wie wil het graag uitvoeren? Het EDA staat in vele gevallen op de eerste rij.

De wapenindustrie in de cockpit

“De Europese wapenindustrie is een vurig voorstander van dit Agentschap.”, zo liet Javier Solona, toenmalig Europees vertegenwoordiger voor buitenlands beleid, in mei 2004 optekenen tijdens een Europese defensietop. Enkele maanden later werd het Europees Defensie Agentschap boven de doopvont gehouden. Solona's opmerking was een understatement. De Europese wapenindustrie was niet enkel enthousiast over de oprichting van het EDA, het was op basis van voorstellen van de wapenindustrie dat het EDA tot stand is gekomen.

Reeds tijdens gesprekken in 2002, die de basis vormden voor het Verdrag van Lissabon, werden de krijtlijnen uitgezet voor een Europees “bewapeningsagentschap”. Werkgroep VIII, die zich tijdens deze gesprekken boog over defensie, werd in grote mate gedomineerd door de belangenvertegenwoordigers van de defensie-industrie. Van de dertien leden waren er drie van de defensie-industrie zelf, waaronder BAE Systems en EADS (later herdoopt tot Airbus). Kritische stemmen uit het maatschappelijk middenveld ontbraken.Het is dan ook niet te verwonderen dat van meet af het EDA expliciet de opdracht kreeg de belangen van de Europese wapenindustrie te verdedigen. Het “versterken” van de Europese defensie-industrie zo noemt dat in de mission statement van het EDA.

2016: kanteljaar naar een militair Europa?

Twaalf jaar later laten de resultaten zich raden. De wapenindustrie heeft haar greep op de Europese instellingen verder versterkt. Het EDA ziet 2016 als een kantelpunt naar een militair Europa. Het verkrijgen van Europese subsidiëring voor wapenonderzoek is daarbij het belangrijkste streefpunt dat zowel op de agenda van het EDA als de wapenindustrie prijkt.

Europese subsidies voor de wapenindustrie zouden een primeur zijn. Tot nu toe financierde de Europese Unie enkel civiel onderzoek. Wapentechnologie was uitdrukkelijk uitgesloten van de Europese subsidiepot.

Komt hier verandering in? Het Europees Parlement stemt in september over een eerste schijf van tachtig miljoen euro voor de wapenindustrie voor een periode van drie jaar. Indien het parlement dit precedent goedkeurt, dreigt meer geld te volgen. Op vraag van de Europese Commissie adviseerde de wapenindustrie namelijk al een opvolgprogramma van 3,5 miljard euro voor de periode van 2021 tot 2027.

Het Europees Parlement wordt gevraagd voor een blanco cheque te stemmen. Welke projecten gesubsidieerd zullen worden of wie de eigendomsrechten van de onderzoeksresultaten zal krijgen is onbekend. Deze beslissingen worden achter gesloten deuren genomen zonder enig democratisch debat. Nochtans zijn deze vragen cruciaal. De wapenindustrie doet er alles aan om de eigendomsrechten voor zichzelf op te eisen. Met andere woorden, niet alleen dreigen wapenbedrijven handenvol gemeenschapsgeld te krijgen toegestopt voor onderzoek naar militaire technologie, de resultaten van dat onderzoek worden naar alle waarschijnlijkheid ook nog eens geprivatiseerd.

Europa: weinig visie, veel wapens

In juni lanceerde Federica Mogherini, de Europese hoge vertegenwoordiger voor buitenlands beleid, een globale strategie voor het Europees buitenlands en veiligheidsbeleid. Mogherini's visie is sterk militair gekleurd. Ze wil dat Europa overal ter wereld en op elk moment militair kan ingrijpen. Hiervoor moeten de lidstaten meer wapens kopen. Daarom roept Mogherini de lidstaten op om twintig procent van hun defensiebudgetten te spenderen aan wapenaankopen. Dit zou natuurlijk een opsteker zijn voor de wapenindustrie. Mogherini stelt in haar globale strategie dan ook dat een sterke wapenindustrie een absolute vereiste is. Een wapenindustrie die uiteraard in een nauwe 'dialoog' staat met de Europese beleidsmakers. Het EDA krijgt een centrale plaats toebedeeld. Zo staat in de tekst te lezen dat “the full use of the European Defence Agency’s potential are essential prerequisites for European security and defence efforts underpinned by a strong European defence industry.”

EDA conferentie: geen wapendealers in Brussel

Deze beleidsinitiatieven staan ongetwijfeld hoog op de agenda van de jaarlijkse conferentie van het EDA, dé hoogmis voor lobbyisten. Die dag verzamelt het kruim van de Europese beleidsmakers, het leger en de wapenindustrie om de koers van de Europese defensie te bepalen. De aankondiging van de conferentie van november 2016 belooft alvast weinig goeds: het EDA belooft een “uniek platform te bieden voor beleidsmakers om er zich van te verzekeren dat de wapenindustrie in vorm blijft”.

De genodigde gasten zijn niet van de minste. Federica Mogherini is één van de belangrijkste genodigden maar ook ministers van defensie zijn meestal aanwezig. Zo was toenmalig minister van defensie Pieter De Crem in 2014 nog één van de gastsprekers. Daarnaast mogen 'hooggeplaatste industriëlen' tijdens de panelgesprekken hun visie uit de doeken doen, zo luidt de aankondiging.

Europese beleidsmakers leggen ons veiligheidsbeleid in handen van de wapenindustrie. Dit leidt enkel tot meer wapenexport en meer oorlog. De belangen van de wapenindustrie zijn niet die van vrede en stabiliteit, maar die van winst en groei. Een industrie die profiteert van oorlog zou niet achter gesloten deuren mogen vergaderen met Europese beleidsmakers.

Neem op 10 november deel aan de actie: geen wapendealers in Brussel.

Europese vredesbeweging vecht tegen wapendeals in de rechtszaal
19-09-2016 -

Er beweegt iets in Europa. Vredesbewegingen hebben het gehad met het lakse wapenexportbeleid van hun overheden. In het Verenigd Koninkrijk, Nederland, Italië en Frankrijk werden rechtszaken gestart tegen verleende wapenexportvergunningen. Terecht. De oorlogen in het Midden-Oosten worden maar al te dikwijls in stand gehouden met Europese wapens.

De Europese wapenexport gaat al jarenlang pijlsnel de hoogte in. In 2000 schommelde de jaarlijkse waarde van de vergunde wapenexport nog rond 13 miljard euro. In 2013 was dit al gestegen tot 36 miljard, bijna een verdrievoudiging. Ongeveer een kwart van die export gaat naar de Arabische wereld. Het valt dan ook niet te verwonderen dat Europese wapens worden gebruikt in de oorlogen in Jemen, Syrië en Irak.

Processen in Italië en Groot-Brittannië

Saoedi-Arabië is al jaren een geliefkoosde bestemming van Britse wapens. Dat Saoedi-Arabië momenteel Jemen bestookt met Britse bommen, lijkt voor de Britse overheid geen probleem. Voormalig premier Tony Blair zette, onder druk van Saoedi-Arabië, zelfs een corruptieonderzoek naar wapendeals met Saoedi-Arabië stop. De Britse organisatie Campaign Against the Arms Trade (CAAT) spande een proces aan tegen de Britse overheid. Het Britse hooggerechtshof heeft nu bepaald dat CAAT wel degelijk het recht heeft om het Britse wapenexportbeleid naar Saoedi-Arabië voor de rechtbank te gooien. Dit is een belangrijke eerste overwinning. Het Britse gerecht zal eind dit jaar beslissen of de Britse wapenexport naar Saoedi-Arabië überhaupt wel legaal was.

In Italië produceert het wapenbedrijf Rheinmetall bommen die via Sardinië aan Saoedi-Arabië worden geleverd. Onderzoeksjournalisten en mensenrechtenactivisten documenteerden hoe de Saoedi-Arabische luchtmacht deze bommen vervolgens inzet om burgers te bombarderen. De afgelopen maanden vonden minsten vijf leveringen plaats. Volgens Francesco Vignarca, woordvoerder van de Italiaanse vredesbeweging Rete Disarmo, zijn dit “bommen die gebruikt worden voor het bombarderen van Jemen, zonder enig VN-mandaat. Dit heeft het conflict enkel verergerd en geleid tot duizenden doden en de grootste humanitaire crisis in het Midden Oosten.”
Rete Disarmo heeft haar onderzoek eind augustus overhandigd aan de openbare aanklager, die nu bij wet verplicht is om eventuele criminele inbreuken verder te onderzoeken.

Palestijnse familie sleept wapenbedrijf voor de rechter

Van een andere aard is de rechtszaak in Frankrijk tegen het wapenbedrijf Exxelia Technologies voor medeplichtigheid aan oorlogsmisdaden in Gaza. De Shuheibar familie van Gaza City verloor drie kinderen in een Israëlische luchtaanval in 2014.

Tussen de restanten van de Israëlische raket werden onderdelen teruggevonden van het Franse bedrijf Exxelia. De raket werd naar alle waarschijnlijkheid afgeschoten door een drone. De familie heeft nu een rechtszaak aangespannen tegen het wapenbedrijf. Indien de openbare aanklager de zaak ontvankelijk verklaart, kan de CEO van Exxelia Technologies crimineel vervolgd worden en dient een schadevergoeding betaald te worden aan de familie.

Europese regelgeving: “enkel bedrijven belanghebbend”

In Nederland heeft een coalitie van mensenrechtenadvocaten en vredesbewegingen een rechtszaak aangespannen tegen een wapenexportvergunning van de Nederlandse overheid naar Egypte. Ondanks de Egyptische betrokkenheid in de oorlog in Jemen en de afschuwelijke staat van de mensenrechten in Egypte, heeft de Nederlandse overheid toch de beslissing genomen om wapens uit te voeren naar dat land.

Enkele weken (wanneer ongeveer? In juli?) geleden oordeelde de rechter echter dat de civiele maatschappij zich geen burgerlijke partij kan stellen tegen een wapenexportvergunning. Bizar. De Nederlandse wetgeving kent wel degelijk een vorderingsrecht voor organisaties. Bovendien kan de wapenindustrie wél tegen een geweigerde exportvergunning in beroep gaan. Deze uitspraak werd gemaakt op basis van Europese regelgeving die bepaalt dat enkel bedrijven in beroep kunnen gaan tegen exportbeslissingen. Stop Wapenhandel, PAX en NJCM beraden zich alvast over verdere juridische stappen.

In België is het voor vredesorganisaties zo goed als onmogelijk om een proces op te starten tegen een wapenlevering. De Belgische rechtspraak is zeer terughoudend om organisaties als belanghebbend te erkennen. In de praktijk zorgt dit voor willekeur. Een proces van o.a. Vredesactie tegen een levering geweren van FN Herstal aan Nepal werd door de Raad van State geweigerd omdat vredesbewegingen niet als belanghebbend werden beschouwd. In 2009 wisten de mensenrechtenorganisatie La Ligue des Droits de l'Homme en CNAPD daarentegen wel degelijk een wapenlevering aan kolonel Kadhaffi te doen opschorten.

Europese overheden in hun blootje

De wapenexport naar het Midden-Oosten is zo flagrant in strijd met wapenexportwetgeving, dat steeds meer Europese overheden zich moeten verantwoorden in de rechtszaal. Volgens Europese regelgeving is wapenexport naar gebieden in oorlog of naar landen die de mensenrechten schenden verboden. Hoewel dit overduidelijk het geval is in Egypte, Palestina of Jemen gaat de wapenexport onverminderd door. Het liefst blijven overheden stil over het door hen gevoerde wapenexportbeleid. Deze rechtszaken zetten het gevoerde beleid in de schijnwerper en zetten de Europese regeringen in hun blootje.

Pagina's